De papyrus van Tongeren. De geschiedenis van het boek herschreven Lezingen 14 Nov 2008 - door Tijl
...............................................................................
Einde 2006 werd in de collectie van het Provinciaal Gallo-Romeins Museum in Tongeren een bijzonder object gevonden: het meest complete papyrusboek van Noordwest-Europa. Het boek dateert waarschijnlijk uit de periode tussen 880 en 990 na Christus. Vraag blijft hoe de papyrus in de collectie van het museum belandde en tussen de Romeinse vondsten van de opgravingen van de Broekberg verzeild raakte. Professor Willy Clarysse, papyroloog aan de K.U.Leuven, en Guido Creemers, conservator van het Gallo-Romeins Museum, lichten op donderdag 20 november een tipje van de sluier op tijdens een unieke lezing in de lezingenreeks Spraakwater.
Het papyrusboek lag in een doos met Romeinse hout- en lederfragmenten, waaronder schrijftafeltjes en lederen schoenen. Deze vondsten waren afkomstig van opgravingen aan de Broekberg te Tongeren. Hoewel ze reeds in de jaren ’30 van de vorige eeuw zijn opgegraven, werden ze nooit grondig onderzocht. Omdat het bij de Romeinse vondsten lag, werd ervan uit gegaan dat het mysterieuze object ook uit de Romeinse tijd dateerde. Op het eerste zicht zag het er uit als een stuk boomschors, een denkpiste die echter snel verlaten werd. Het meest van al leek het object nog op een pakketje papyrus, maar dat was weinig waarschijnlijk, vermits papyrus zelden of nooit bewaard blijft in het vochtige Europa. Ook waren er op het eerste zicht geen schrifttekens herkenbaar. Nader onderzoek heeft intussen een deel van het raadsel ontsluierd. Specialisten zijn het er nu unaniem over eens dat het wel degelijk om een boek (codex) uit papyrus gaat. Het is met grote waarschijnlijkheid te dateren tussen de jaren 880 en 990 van onze jaartelling.
Papyrus wordt gemaakt van de stengels van de papyrusplant. Die kwam in de oudheid van nature voor in de Nijldelta in Egypte. Het zijn dan ook de oude Egyptenaren die papyrus vanaf de eerste dynastie (ca. 3.200 v. Chr.) gebruikten om op te schrijven. Naast papyrus werden er al die tijd ook andere dragers gehanteerd, zoals perkament, potscherven en houten plankjes, maar papyrus was toch wel hét populaire materiaal over heel het gebied van de Middellandse Zee. Papyrus werd verkocht in de vorm van een papyrusrol, die beschreven werd in smalle kolommen tekst. Pas in de derde eeuw verschijnen echte papyrusboeken, aanvankelijk gewoon bladen die gevouwen en in mekaar geschoven waren, zonder kaft of katernen.
In de 10de eeuw verdween papyrus nagenoeg volledig ten voordele van perkament en papier, zeker in het Westen. Op dat moment gebruikt alleen de pauselijke kanselarij nog papyrus, maar alleen voor oorkonden, niet voor boeken. De Tongerse papyrus is heel opmerkelijk, niet alleen omdat hij van zo een recente datum is, maar ook omdat het wel degelijk om een boek gaat. Gelukkig hebben de onderzoekers nog enkele serieuze troeven achter de hand. Het openen van de codex zou eventuele schrifttekens kunnen prijsgeven, die zouden op hun beurt indicaties kunnen geven over de inhoud en de betekenis van het boek. Aan dit huzarenstukje heeft men zich voorlopig nog niet gewaagd, de codex is immers uitzonderlijk fragiel en het gevaar om hem te beschadigen veel te groot.
bert